














Boerderijdieren van bij ons
- Cavia
- Duif
- Eend & Gans
- Ezel
- Geit
- Hond
- Kalkoen
- Kip
- Koe
- Konijn
- Paard
- Parelhoen
- Pauw
- Poes
- Pony
- Schaap
- Varken
- Vlaamse reus
Boerderijdieren uit andere landen
- Alpaca
- Bizon
- Emoe
- Lama
- Schotse Hooglander
- Wallabie
Parkdieren
- Capibara
- Chinchilla
- Degoe
- Fret
- Gerbil
- Griekse landschildpad
- Kameel
- Mara
- Moose landschildpad
- Muis
- Poolvos
- Prairiehond
- Stekelvarken
- Stinkdier
- Stokstaart
- Tamme rat
- Wasbeer
Roofvogels
- Amerikaanse woestijnbuizerd
- Bengaalse Oehoe
- Europese Oehoe
- Kerkuil
- Koekoeksuil
- Roodstaartbuizerd
- Sakervalk
Stokstaart
Stokstaarten zijn roofdieren die in groepen van 10 tot 30 dieren leven. Ze doen bijna alles samen. Tijdens het voedsel zoeken houdt altijd één dier de wacht op een hoog uitkijkpunt. Bij gevaar slaat dit dier alarm. Ook de jongen worden gezamenlijk verzorgd. Als moeder gaat eten, past een ‘babysitter’ op de kinderen. Samen graven stokstaarten een hol van wel 3 meter diep. Soms leven daar ook grondeekhoorns.
Stokstaartjes zijn kleine roofdieren, verwant met de mangoesten. Ze leven in groepen van maximaal 30 dieren in woestijnachtige delen van zuidelijk Afrika. Overdag trekken ze er op uit om voedsel te zoeken.
Vaak staan enkele leden van de groep op wacht om de rest met een fluitend ('let op') of blaffend ('vlucht voor je leven') geluid te kunnen waarschuwen. Bijvoorbeeld voor een naderende roofvogel. 's Nachts verblijven ze in ondergrondse holen, meestal een oude burcht van grondeekhoorns die ze verder uitgegraven hebben.
| Andere namen | aardmannetje; Zuid-Afrikaanse meerkat |
|---|---|
| Wetensch. naam | Suricata suricatta |
| Engelse naam | meerkat |
| Verspreiding | Zuidelijk Afrika |
| Voedsel | vooral vlees: insecten, spinnen, duizendpoten, hagedissen, knaagdieren en vogels. Ook wel knollen en wortels |
| Lengte | 25 - 35 cm, staart 17 - 25 cm |
| Gewicht | 0,6 - 1 kg |
| Status | algemeen |
Het stokstaartje (Suricata suricatta) is een klein roofdier dat tot de mangoesten behoort. Hij wordt ook wel "aardmannetje" genoemd. Het bewoont alle delen van de Kalahari in zuidelijk Afrika (Angola, Botswana, Namibië en Zuid-Afrika). In het Afrikaans (en het Engels) worden stokstaartjes "meerkat" genoemd. Daardoor wordt de naam 'meerkat' soms foutief in het Nederlands overgenomen uit films, bijvoorbeeld de Disneyfilm De Leeuwenkoning. In het Nederlands is "meerkat" echter een naam voor een groep apen (Cercopithecus). Het stokstaartje eet voornamelijk insecten, spinnen, schorpioenen en slakken. Van alle mangoesten zijn de stokstaartjes de meest sociale. Het stokstaartje wordt niet bedreigd. In sommige Afrikaanse huizen kun je stokstaartjes aantreffen.
Leefomgeving
Stokstaartjes leven in zuidelijk Afrika, meer bepaald op de droge open vlakten. Ze leven in groepen van maximaal 30 dieren. De holen van grondeekhoorns lijken dé geschikte plaats om te verblijven. Deze holen bouwen ze uit tot gangenstelsels, soms tot een oppervlakte van 15 m². In deze gangen worden speciale kamers aangelegd: slaapkamers, kraamkamers en zelfs toiletten. Deze laatste worden schoongemaakt door de mestkevers waarmee ze samenleven. Elke dag rollen de mestkevers de uitwerpselen van de stokstaartjes naar buiten en leggen er hun eitjes in. Als deze uitkomen, hebben de stokstaartjes weer een nieuwe schoonmaakploeg. De mestkevers kunnen ongestoord hun gang gaan: de stokstaartjes zullen ze nooit eten, omdat ze voor hen erg giftig zijn. Stokstaartjes delen de woestijn met hagedissen, schorpioenen en grondeekhoorns. Ze zijn alert op het gevaar van roofvogels dat hen boven het hoofd hangt. Ze leven in een soort van hiërarchie; sommige dieren staan op de uitkijk, andere gaan meestal niet op jacht, nog andere zijn babysitters die de kleintjes in het oog houden als hun ouders er niet zijn. 's Nachts trekken ze zich terug in hun holletje, want de nachten kunnen bitter koud zijn, en de gevaren die buiten op de loer liggen zijn groot.
Gedrag
Stokstaartjes hebben elk afzonderlijke taken. Er is altijd 1 wachter in de groep met stokstaartjes. Een wachter staat altijd hoger dan de rest zodat hij meer ziet en dus goed op de hoogte is. Hij steunt daarbij op de achterpoten en op zijn staart. Er zijn verschillende alarmsignalen: een fluitend geluid, dat 'opgepast' betekent, en een blaffend geluid, waarna de waarschuwer en de rest van de groep rennen voor hun leven. Een wachter beschikt over een goed gezichtsvermogen en kan al op grote afstand een ongevaarlijke gier onderscheiden van hun grootste vijand, de arend. Bij gevaar gaan alle stokstaartjes fanatiek graven; dit doen ze om een stofwolk te creëren die het roofdier op de vlucht jaagt. Als de aanvaller aanhoudt, voeren ze schijn- en echte aanvallen uit, waarbij ze spugen en bijten. Als ze aan de verliezende hand zijn en op de rug liggen, tonen ze hun tanden en halen agressief uit met hun klauwen.
Elke populatie heeft zijn eigen slaaptraditie: per groep verschillen de uren waarop de dieren wakker zijn. Dieren die van groep verwisselen passen zich aan aan het tijdsschema van de nieuwe groep.
Voortplanting
Het alfavrouwtje is meestal het enige dat paart. Het alfavrouwtje verhindert dat andere vrouwtjes zich voortplanten, maar is daarin toleranter nadat ze zelf net gejongd heeft. Het vrouwtje stoot het mannetje steeds weg. Het mannetje ziet zich verplicht het vrouwtje letterlijk in de nek te bijten. Daarna volgt de paring. Het vrouwtje wordt zo'n 40% zwaarder en weegt dan iets meer dan een kilo. Na elf weken komen 2 tot 5 blinde en kale jongen ter wereld, die worden gezoogd tot ze ongeveer 3 maanden oud zijn (soms door de babysitters, terwijl de moeder op jacht gaat). Drie weken na de geboorte zijn de jongen groot genoeg om hun eerste passen in de wijde wereld te zetten. Een stokstaartje is na twee maanden een miniatuurtje van de ouders. De maximale verwachte levensduur van een stokstaartje is 10 tot 15 jaar.
Voeding
Stokstaartjes eten voornamelijk slakken, spinnen en insecten, maar als ze de kans krijgen zouden ze ook knaagdieren of op de grond nestelende vogels en hun eieren eten. Ook hagedissen en kleine dieren behoren tot hun menu. Zelfs giftige dieren, zoals schorpioenen en gifslangen, zijn een echte lekkernij. Door hun razendsnelle reactievermogen kunnen stokstaartjes de giftanden bijna altijd ontwijken. Het stokstaartje heeft ook omnivore trekjes: ook plantaardig materiaal, zoals knollen en wortels, staat op zijn menu.
Stokstaartjes zijn echter gierig wat betreft het voedsel. Als er een der diertjes een voedselbron gevonden heeft, zal het de prooi meestal alleen, op afstand van de groep verorberen. Komen de anderen toch dichterbij, dan gaat de eigenaar er grommend met de prooi vandoor. Alleen de zwakke en jonge dieren mogen mee-eten. Bij de grotere prooien, die ze met meerdere tegelijk doden, maken ze ruzie over wie wat krijgt. Drinken doen ze nauwelijks: al het vocht dat ze nodig hebben, halen ze uit hun voedsel.
Uiterlijke kenmerken
Stokstaartjes verschillen in kleur, van lichtbruin tot grijs of zilvergrijs. Ze hebben donkere strepen. De kop is vuilwit en hun ogen lijken, door de donkere omranding eromheen, veel groter dan ze in werkelijkheid zijn. Deze donkere omranding doet dienst als een soort "zonnebril". Hun gehoor is even goed als dat van een mens. Ze zijn 25-35 cm groot met een staart van 18-25 cm. Ze wegen tussen de 500 gram en 1 kilogram en worden ongeveer 10 jaar oud. Uiterlijke verschillen tussen vrouwtjes en mannetjes zijn er niet.

